Final Term - reflectie I
Ik wist dat er in Amerika harder werd gestudeerd, zeker op prestigieuze universiteiten. En ik was er ook op voorbereid. Tot mijn 27ste heb ik eigenlijk nooit hard mijn best hoeven doen, maar sinds ik met literatuurwetenschappen ben begonnen, is dat veranderd. Het is in fasen gegaan. Aanvankelijk besefte ik alleen hoe heerlijk het was om uberhaubt te studeren, maar nadat ik mijn propedeuse op zak had, ontdekte ik ook hoe het was om te studeren vanwege de kennis, niet vanwege het cijfer. En vervolgens onstond de wens om hogere cijfers te halen. Hier in Berkeley is dat wel het minste. Vooral in de graduate courses verwachten de docenten veel van je. De readers zijn soms belachelijk dik (voor één vak 1000 pagina's, of 20 cm) en daarnaast moet je vaak nog opdrachten doen, papers schrijven, en primaire literatuur lezen. Erg angstaanjagend wanneer je aan zo'n vak begint, maar gaandeweg begin je aan het tempo gewend te raken en merk je dat ze misschien veel van je leesvermogen vragen, maar veel minder van je reflectieve talenten. Het gaat er vooral om veel te weten, de namen, modellen en kritieken te kennen. De kritische houding die er in Nederland met de paplepel wordt ingegoten is hier veel minder aanwezig. Alhoewel, Amerikaanse studenten zijn zeker assertief, maar hun houdingen zijn 'correcte' houdingen. Wanneer we over Plato en Aristoteles praten werpt de docent het balletje op: "Wat vinden jullie hiervan?" en er is altijd wel een student te vinden die iets zegt als: "de democratie in het oude griekenland was geen echte democratie, want vrouwen en slaven werden buitengesloten. Ondanks hun mooie ideeën zijn P&A dus eigenlijk hypocriet."
Tsja. In deze tijd, vanuit ons perspectief kan dat wel kloppen. Maar wat betekent die opmerking nu eigenlijk? Het was niet dat de Grieken een morele keuze konden maken tussen wel of geen slavernij, of een beleidsplan voor emancipatie op konden zetten. Er waren slaven zonder rechten en vrouwen die een zelfstandige identiteit ontzegd werd. Was dat fout en zijn wij daarom goed? Het lijkt mij een makkelijke maar anachronistische houding. Soms doet het me wel eens denken aan een scene uit Starship Troopers (1997), waarin de onderwijzer (en latere Lieutenant) Rasczak zijn studenten het verschil leert tussen een 'civilian' en een 'citizen'. In deze film lijkt een dubbele ironie aanwezig te zijn. De vele verwijzingen naar Liefenstahl's Triumph des Willens (1935) duiden de film als een commentaar op het historische nazisme en fascisme, maar de casting van de acteurs, bekende soapsterren, en de vorm van de maatschappij waarin de het verhaal zich afspeelt, geven de film een onmiskenbare Amerikaanse smaak. Ik kan me herinneren dat ik na de film tegelijk enthousiast was, vanwege de spectaculaire actiescenes, en bezorgd, omdat ik het idee kreeg dat dit land van vrijheid en democratie toch verdomd veel fascistische trekjes had. Nu ik hier een tijdje rondloop is er niets van dat gevoel verdwenen. Amerika is groter en meer verdeeld dan Duitsland en heeft bovendien geen vernederende totale overgave achter de kiezen. dus plotseling uit het lood slaan zullen ze niet. Maar tegelijkertijd is het land diep verdeeld langs scherpe ideologische lijnen, waarvan de liberale kant nog altijd aan de rechterkant van de VVD zit. De neocons aan de andere kant, zijn een bijzonder goed georganiseerde groep rechts-religieuze populisten, en in het algemeen voorspeld dat weinig goed voor het democratische klimaat. Zij zorgen er voor dat de meest wonderlijke publieke discussies mogelijk zijn: het debat over Intelligent Design is daar een goed voorbeeld van. Hoe is het mogelijk dat een substantiele groep senators bereid is serieus te overwegen dit geloof als alternatief tijdens de biologieles aan te bieden?
